Verrassende vondst

Ter afsluiting van een grondige restauratie van het Comenius Mausoleum, zeventig jaar na de opening in 1937, stond nog een onderhoudsbeurt op het programma voor het gebeeldhouwde houten raamwerk tussen de achterwand van het mausoleum en het inpandige balkon. Niet alleen moest het kunstwerk worden ontdaan van stof, ook bleek controle op houtworm noodzakelijk en bovendien waren kleine correcties nodig op plaatsen waar het hout was gaan werken.

Het hekwerk stelt een bloeiende lindeboom voor, met in het midden het wapen van de Tsjechoslowaakse Republiek. Midden op de achterzijde is een klein paneel bevestigd, dat door medewerkers van de firma Folkers, Vos & Creman werd verwijderd ter controle op houtworm.  Tot hun verrassing bleek zich daarachter een ongeveer twaalf centimter hoog dichtgesoldeerd metalen kokertje te bevinden in een speciaal daarvoor uitgesneden ruimte.

Het was bekend dat zich een metalen koker bevindt achter de gedenksteen van President Masaryk in de zijwand van het mausoleum, en dat zich daarin documenten bevinden die betrekking hebben op het vinden van de overblijfselen van Jan Amos Comenius in 1929. Van een kokertje in het houten raamwerk was niets bekend.

Op de 417e geboortedag van Comenius, op 28 maart jongstleden, is door de Tsjechische ambassadeur Z.E. Petr Mares het kokertje geopend. Hij was die dag in Naarden samen met zijn Slowaakse collega H.E. Oksana TomovŠ voor de traditionele kranslegging op het graf van de beroemde pedagoog, theoloog en filosoof.

Het kokertje blijkt een boodschap te bevatten van de Tsjechische architect Machon, de beeldhouwer Horejc en de ontwerper van de houtsculptuur Stipl, die verantwoordelijk zijn voor de inrichting van het Mausoleum. Zij behoorden tot de Praagse Loge van Vrijmetselaars. In hun boodschap verklaren ze dit werk te hebben uitgevoerd met liefde en piŽteit jegens Jan Amos Comenius, die ze de geestelijke stichter van de vrijmetselaar noemen. Ook spreken ze hun waardering uit voor de hulp van hun broeders, behorende tot de Orde van Vrijmetselaren onder het Grootoosten der Nederlanden.

Het koperen kokertje en de fraai gekalligrafeerde boodschap zijn nog enige tijd in het Mausoleum te zien, maar worden daarna teruggeplaatst op de plek waar de kunstenaars het hadden verborgen. Latere vinders zullen een bericht uit het heden erbij aantreffen.

 


Terug

Jan Amos Comenius - (1592 - 1670)